Kansen op werk voor iedereen

Hoe zit het de man/vrouw verhouding in de voedingsindustrie? Globaal genomen zijn er meer vrouwen aan de slag in voedingsbedrijven dan in de rest van de industrie. Bij de arbeiders zijn er een stuk meer mannen dan vrouwen aan de slag. Bij de bedienden zijn de vrouwen dan weer oververtegenwoordigd.

De werknemers van de voedingsindustrie naar statuut en geslacht in Vlaanderen, 2010

 BediendenArbeidersTotaal
Voeding      
Vrouwen 56,9% 27,2% 37,2%
Mannen 43,1% 72,8% 62,8%
Totaal 100% 100% 100%
Industrie      
Vrouwen 36,3% 17,9% 24,2%
Mannen 63,7% 82,1% 75,8%
Totaal 100% 100% 100%

Bron: CRB op basis van de gedecentraliseerde werkgelegenheidsstatistieken van de RSZ

De werknemers van de voedingsindustrie naar statuut en geslacht in België, 2010

  Bedienden Arbeiders Totaal
Voeding      
Vrouwen 57,5% 25,9% 36,4%
Mannen 42,5% 74,1% 63,6%
Totaal 100% 100% 100%
Industrie      
Vrouwen 36,4% 16,2% 23,4%
Mannen 63,6% 83,8% 76,6%
Totaal 100% 100% 100%

Bron: CRB op basis van de gedecentraliseerde werkgelegenheidsstatistieken van de RSZ

De werknemers van de voedingsindustrie naar statuut en geslacht in Wallonië, 2010

  Bedienden Arbeiders Totaal
Voeding      
Vrouwen 59,3% 22,4% 33,8%
Mannen 40,7% 77,6% 66,2%
Totaal 100% 100% 100%
Industrie      
Vrouwen 35,3% 11,5% 20,3%
Mannen 64,7% 88,5% 79,7%
Totaal 100% 100% 100%

Bron: CRB op basis van de gedecentraliseerde werkgelegenheidsstatistieken van de RSZ

De werknemers van de voedingsindustrie naar statuut en geslacht in Brussel, 2010

  Bedienden Arbeiders Totaal
Voeding      
Vrouwen 58,6% 24,0% 37,4%
Mannen 41,4% 76,0% 62,6%
Totaal 100% 100% 100%
Industrie      
Vrouwen 41,5% 15,4% 29,1%
Mannen 58,5% 84,6% 70,9%
Totaal 100% 100% 100%

Bron: CRB op basis van de gedecentraliseerde werkgelegenheidsstatistieken van de RSZ

Laaggeschoolden hebben meer kans om werk te vinden in een voedingsbedrijf dan in veel andere sectoren. Bijna 1 op 3 van de werknemers in de voedingsindustrie is laaggeschoold (diploma lager onderwijs of diploma lager secundair onderwijs). Bijna de helft is middengeschoold (diploma secundair onderwijs), bijna 1 op 5 hooggeschoold.

De laatste jaren daalde het aandeel laaggeschoolde werknemers wel, ten gunste van het aantal werknemers met een diploma hoger secundair onderwijs. Enerzijds heeft dit te maken met gestegen eisen, anderzijds met een algemene stijging van het opleidingsniveau van de jongere generaties die laaggeschoolde uitstromers vervangen.

Opleidingsniveau in de voedingsindustrie 2000 en 2011

Bron: bijzondere raadgevende commissie voor de Voeding(CRB) op basis van de enquêtes naar de arbeidskrachten (Eurostat)

Er zijn verschillende beroepsgroepen die een zeer goede kans maken om in de voedingsindustrie aan de slag te gaan: technici, onderhoudsmecaniciens, productiemedewerkers, logistieke medewerkers,....

Beroepsgroepen met het hoogste aandeel knelpuntvacatures in de voeding (Vlaams Gewest; 2011)

Bron: VDAB cohorte-bestanden (Bewerking Steunpunt WSE)

In de voedingsindustrie zijn nogal wat werknemers met een andere nationaliteit aan de slag. Bijna 1 op 10 werknemers heeft niet de Belgische nationaliteit. Ruim de helft daarvan is afkomstig uit de EU.

Aandeel van de werknemers die EU-ingezetenen zijn en van de werknemers van buiten de EU in de voedingsindustrie tijdens de afgelopen jaren

Bron: FOD Economie - algemene directie Statistiek en Economische informatie, Enquête naar de arbeidskrachten

Created by Pixular